Een “near miss” of een bijna-aanvaring voorkomen.

In het algemeen kan men spreken van een near miss op open zee bij een afstand van minder dan:
-
2 mijl tussen grote schepen (cargoschepen, tankers en cruiseschepen).
-
1 mijl tussen jachten en grote beroepsvaartuigen.
Uit ervaring stel ik vast dat de gemiddelde pleziervaarder door onwetendheid veel te lang wacht om uit te wijken.
Een dode hoek van 500 m (visueel of op radar) voor een koopvaardijschip is niet uitzonderlijk. Als het jacht te dicht nadert, ‘verdwijnt’ het in de dode hoek en kan het koopvaardijschip geen gepaste maatregelen meer nemen. Als je de navigatiebrug niet meer kunt zien, ben je in gevaar!
Een cargoschip heeft gemiddeld zesmaal zijn lengte nodig om een bocht van 90° te maken. Voor een schip van 300 m is dat dus 1,8 km of ongeveer 1 zeemijl!
Dit betekent dat als een groot koopvaardijschip een jacht op minder dan 1 mijl nadert, het jacht niet langer mag wachten en onmiddellijk naar stuurboord moet uitwijken, ook al heeft het in principe voorrang (regel 2 van het IAR).
Bij een risico op een imminente aanvaring moet iedereen, als algemene regel, naar stuurboord uitwijken. Ook dit is een onbekende regel voor veel pleziervaarders.
Meestal zal een koopvaardijschip zich houden aan de COLREGs, maar er kunnen verschillende redenen zijn waarom het niet uitwijkt voor een pleziervaartuig:
- Werkdruk op de brug. Ook op open zee kan het druk zijn op de navigatiebrug. Een pleziervaartuig kan daardoor te laat worden opgemerkt.
- Beperkte zichtbaarheid. Door deining, tegenlicht, regen, duisternis, slecht weer of beperkt zicht kan een jacht vanuit de brug moeilijk waarneembaar zijn. Wanneer het uiteindelijk wordt opgemerkt, kan de beschikbare manoeuvreerruimte al beperkt zijn.
- Een eenmanswacht. Op sommige schepen wordt met een beperkte brugbezetting gevaren. Wanneer de officier van wacht tijdelijk afwezig is, kan dat de uitkijk in gevaar brengen. Regel 5 van de COLREGs vereist dat ieder schip te allen tijde een goede uitkijk houdt. Een dergelijke situatie kan daarmee onverenigbaar zijn.
- Slechte radarreflectie. Polyesterjachten zijn soms moeilijk zichtbaar op radar, zeker wanneer ze geen doeltreffende radarreflector hebben. Niet iedere klassieke radarreflector die in watersportwinkels wordt verkocht, voldoet aan de toepasselijke prestatie-eisen. Controleer daarom de relevante ISO- en SOLAS-voorschriften voor het gekozen type. Lees ook : Het belang van een goede radarreflector
- Afspraken met andere schepen. Koopvaardijschepen kunnen onderling via de marifoon hun manoeuvres bespreken. Dat verandert niets aan hun verplichtingen onder de COLREGs, maar een onverwachte manoeuvre kan de verkeerssituatie ingewikkelder maken.
- Een onduidelijke koers. Wanneer een jacht voortdurend kleine koerswijzigingen maakt, kan het voor een ander schip moeilijker worden om zijn bedoelingen in te schatten.
- Andere verkeerssituaties. Een uitwijkmanoeuvre kan het koopvaardijschip in conflict brengen met andere vaartuigen. Daarom moet de volledige verkeerssituatie worden beoordeeld.
Ter informatie : de navigatielichten van een jacht kleiner dan 12 m zijn slechts zichtbaar binnen een afstand van 1 mijl. Als een kooopvaardijschip je ziet , kan het helaas niet meer reageren .
Tips:
-
Twijfel je? gebruik dan je marifoon. . Vraag of het schip je heeft gezien en of je je koers en snelheid mag behouden.
-
Krijg je geen antwoord op je VHF-oproep, wees er dan maar zeker van dat men je niet heeft gezien!
-
Als het Engels dat wordt gebruikt gebrekkig of onverstaanbaar is, twijfel dan ook aan de nautische kennis van de officier van wacht en wijk zelf uit.
Tot slot: een samenvatting van regel 8 van het IAR (COLREGs)
Elk manoeuvre moet:
-
RUIM OP VOORHAND gebeuren, met andere woorden: zo vroeg mogelijk.
-
DUIDELIJK gebeuren: minstens 45° uitwijken of stoppen. 's Nachts kan het nuttig zijn een nog grotere hoek te maken, zodat het andere schip een kleurverandering in de navigatielichten kan zien.
-
DOELMATIG gebeuren: het manoeuvre moet tot doel hebben op een veilige afstand van elkaar te passeren om een aanvaring te voorkomen.
Opgelet:
-
NOOIT naar bakboord!
-
NOOIT voorover lopen!
-
NOOIT een reeks kleine koersveranderingen uitvoeren, maar steeds één grote, duidelijke koersverandering maken!
Goedkope vlag?
Een ‘goedkope vlag’ betekent vaak ook een ‘goedkope bemanning’. Niet alle scheepsofficieren ter wereld zijn even goed opgeleid!
Goed zeemanschap is rekening houden met het slechte zeemanschap van een ander!
Lees ook :
- Hoe ver kan men zien op zee
- Gebruik van de VHF marifoon ter voorkoming van aanvaringen op zee
- Leren uit ongevallen
Commentaar of vragen hierover mail ons op nautinstruct@gmail.com
Ben je tevreden over dit artikel ?
Laat het weten op Google in een review, klik hier




